Gedputeerde Van den Hout ontkent het achterhouden van informatie

donderdag 01 maart 2018 16:29

De volledige coalitie schaarde zich als één blok achter gedeputeerde Van den Hout tijdens het stikstofdebat dat afgelopen vrijdagavond plaatsvond in het provinciehuis. Het was een stevig en langdurig debat op initiatief van de ChristenUnie-SGP met als doel SP-gedeputeerde Van den Hout ter verantwoording te roepen over informatievoorziening inzake het stikstofdebat. Een motie van afkeuring haalde tenslotte geen meerderheid, maar was een helder signaal richting betreffende gedeputeerde.

Volgens Wilma Dirken, Statenlid van de VVD, zijn industrie en landbouw twee verschillende onderwerpen ondanks dat deze beiden stikstofruimte uit de PAS vergund krijgen. Er was geen reden voor de gedeputeerde om het stikstofrapport, dat al in december 2016 gereed was, eerder met Provinciale Staten te delen. Het aanvragen van een extra Statenvergadering om gedeputeerde Van den Hout om verantwoording te vragen was volgens de VVD ‘populistisch getrommel’ in aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen.

Het bewuste rapport bevatte informatie met betrekking tot de uitstoot van stikstof in de industrie. Een steekproef onder circa 40 industriële bedrijven wees uit dat een aanzienlijk deel opereerde zonder de juiste vergunningen. Ook bleek dat de depositiebijdrage van de industrie niet 1% is, zoals de gedeputeerde de Staten jarenlang heeft voorgespiegeld, maar veel hoger. In een nieuwsbrief van het BPO, het kernteam dat zich inzet voor het verlagen van de stikstofdepositie, wordt 11% gemeld. Toen Van den Hout hierop bevraagd werd was het antwoord dat de informatie in de nieuwsbrief onjuist is.

‘We hadden graag veel eerder van de uitkomsten van dit onderzoek op de hoogte willen zijn. In juli 2017 is er besloten voor de veehouderijsector verregaande maatregelen vervroegd op te leggen. Hierdoor gaan zo’n 800 Brabantse gezinsbedrijven verdwijnen. Dat de industrie het tienvoudige uitstoot van wat eerder altijd gezegd werd vinden wij belangrijk genoeg om in dat besluit mee te nemen. Het kan ten slotte niet zo zijn dat de veehouderijsector moet bloeden en de industrie uit de wind wordt gehouden,’ aldus Hermen Vreugdenhil, fractievoorzitter van de ChristenUnie-SGP. ‘We hebben voorafgaand aan het landbouwdebat meermaals expliciet gevraagd naar de maatregelen die de gedeputeerde neemt voor andere sectoren dan de veehouderij. De gedeputeerde antwoordde ontwijkend op deze vragen, terwijl hij op dat moment wist van de uitkomsten van het onderzoek. Hij wist van de veel grotere bijdragen van industrie, dat er onvoldoende toezicht was, dat vele bedrijven zonder vergunning in werking waren en toch meldde hij het desgevraagd niet. Dat nemen wij hem zeer kwalijk.’

« Terug